Economische encyclopedie 1940

Economische encyclopedie (1940), samengesteld door D.C. van der Poel. Gepubliceerd door Uitgeversmaatschappij W. de Haan N.V. Utrecht.

Gepubliceerd op 08-07-2020

2020-07-08

Almend

betekenis & definitie

(Meent). Gemeentegronden of eigendom van coöperaties van rechthebbenden met gemeenschappelijk gebruiksrecht of recht op de opbrengst, vooral in Zwitserland en Zuid Duitschland.

In Ned. als „schaarrecht” (recht om vee te laten grazen in de gemeene weiden) o.a. in het Gooi („Erfgooiers”), recht op heide, plaggen, zand, hout, enz. in enkele nog bestaande „marken”. De zeer ingewikkelde verhoudingen in het Gooi hebben geleid tot een speciale wettelijke regeling in de Erfgooierswet 1912.zie: Ook Grondbezit.

Lit.: K. Bücher, Allmende H. d. S.; J. Th. van Erk, De erfgooierskwestie, 1927 ; H. W. C.

Bordewijk, Leerboek der Landhuishoudkunde I, 1936 ; W. P., Erfgooiers, Marken.