schwindel betekenis & definitie

(Du.; zwendel)

Poging de tegenpartij te misleiden door middel van een bepaalde bieding of een bepaalde manoeuvre in het af- of tegenspel.

Voorbeeld:schwindelZuid speelt 5♣ en gaat vrijwel zeker twee harten en een schoppen verliezen. West start met een kleine ruiten. Als zuid ♦A pakt, de troef trekt en de harten gaat ontwikkelen, zal de tegenpartij geen moeite hebben met het vinden van de schoppenswitch.

In de praktijk bracht een ‘schwindel’ uitkomst. Zuid zette in de eerste slag ♦10. Oost nam met ♦V en speelde nietsvermoedend ruiten terug. Nu was de verdediging verder kansloos. Zuid deed ♥3 weg en nam de slag met ♦A. Hij vervolgde met een harten naar de vrouw voor de heer van west, die -te laat- schoppen speelde. De leider zette ♠A en speelde ♥B voor, door oost gedekt met ♥A. Zuid troefde af, incasseerde ♣A, stak over naar ♣H en gooide op ♥10 zijn schoppenverliezer af: elf slagen.

Zie ook: falsecard; misleiding; psych; schijndwang

Gepubliceerd op 27-06-2017