Wat is de betekenis van voedsel?

2024-04-24
Algemeen Nederlands Woordenboek

Algemeen Nederlands Woordenboek (2009-heden)

voedsel

Het begrip voedsel heeft 2 verschillende betekenissen: 1) al wat tot voeding dient. al wat door organismen wordt opgenomen om leven en groei, weefsels en organen in stand te houden; al wat tot voeding dient. Meestal in toepassing op wat mensen en dieren eten, maar ook in toepassing op stoffen die planten nodig hebben en uit de grond halen...

2024-04-24
Nederlandstalige WikiWoordenboek

Wiktionary (2019)

voedsel

voedsel - Zelfstandignaamwoord 1. (voeding) alles wat een organisme tot zich neemt om het metabolisme in werking te houden Een derde van al het geproduceerde voedsel wereldwijd wordt verspild. Hiermee is een kostenpost gemoeid van 565 miljard euro. Woordherkomst Naamwoord van hand...

2024-04-24
Muiswerk Educatief

Muiswerk Educatief (2017)

voedsel

voedsel - zelfstandig naamwoord uitspraak: voed-sel 1. wat je bij de maaltijd tot je neemt ♢ we hebben voedsel bij ons voor de hele dag Zelfstandig naamwoord: voed-sel het voedsel Synoniemen kost

2024-04-24
De A is van Amalia, die is allochtoon, een multiculti ABC

Hans Kaldenbach (2007)

Voedsel

Het is opvallend dat voor de meeste Nederlanders, net als voor arme migranten, de kwaliteit van het eten niet zo belangrijk is. In boerenfamilies werd na het eten altijd aan de gast gevraagd ‘Heb je genoeg gehad?’ Genoeg, dat was het criterium. Bij het eten in een restaurant vinden Nederlanders het vaak vooral belangrijk of er veel op tafel staat....

2024-04-24
Dromen encyclopedie

Fink (1998)

Voedsel

Zie ‘Eten’.

2024-04-24
Zuid-afrikaans woordenboek

H.J. Terblanche - M.A., D. Litt

voedsel

spys, kos; onderhoud.

2024-04-24
Frysk Wurdboek (Friesch woordenboek)

Fa. A.J. Osinga (1952)

Voedsel

s.n., fiedsel (it), iten (it), foer (it); — en dekking, rak en dak.

2024-04-24
Woordenboek Nederlands-Turks

Mehmet Kiriş (2024)

Wil je toegang tot alle 20 resultaten?

Ja, ik word vriend van Ensie!
2024-04-24
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Van Dale Uitgevers (1950)

Voedsel

o. g. mv., 1. spijs, al wat tot voeding kan dienen : voedsel tot zich nemen, gebruiken ; de zieke kan geen voedsel meer verdragen ; versterkend, gezond, krachtig voedsel ; de planten halen haar voedsel uit de grond ; 2.(oneig.) voedsel voor de geest, datgene waarmee men het geestelijk leven onderhoudt ; lectuur ; — wat het verb...