Vendel
o. (-s, -en), 1. (vero. en gew.) vaandel: nog als hist. term voor een compagnie voetvolk, onder een vaandel staande ; 2. (Zuidn.) het vliegende vendel uitstekende hemdslip, hemd ; zijn vendel steekt uit, zijn hemd hangt uit zijn broek.
Benieuwd hoe Ensie en Prisma digitale woordenboeken jouw lessen kunnen versterken?
Van Dale Uitgevers (1950)
o. (-s, -en), 1. (vero. en gew.) vaandel: nog als hist. term voor een compagnie voetvolk, onder een vaandel staande ; 2. (Zuidn.) het vliegende vendel uitstekende hemdslip, hemd ; zijn vendel steekt uit, zijn hemd hangt uit zijn broek.
Walter De Clerck (1981)
1. Hemdslip; vooral in de verb. in zijn vliegende vendel (buiten)lopen e.d., in zijn hemd. Hij maakt voorzichtig den knoop van zijn broekband los ..., terwijl Fliepo in zijn vliegend vendel den boom opklimt. Maar nu wordt hem een davering toegediend, met een stoot in de ribben, STREUVELS 1962, 170. 2. Afgescheurde of loshangende lap, flard;...
M. J. Koenen's (1937)
o. vendels, vendelen, vendeltje (vaandel; troepenafdeling, onder één vaandel staande), vero.; Z.-N. het vliegende vendel, hemd, hemdslip.
John Kooy (1933)
troepenafdeeling, staande ouder één vaandel; ook het vaandel zelf. V. zwaaien wordt in sommige streken v. ons land en v. België als volksvermaak en sport beoefend.
Jozef Verschueren (1930)
('vendal) o. (-s; -tje) Eert. 1. Eig. vaandel. 2. Metn. troepenafdeling onder een vaandel.
Oosthoek's Uitgevers Mij. N.V (1916-1925)
o. (-s, -en), 1. vlag van groot formaat en bevestigd aan een korte stok die onderaan verzwaard is met een loden kogel; 2. (hist.) een onder een vaandel staande compagnie voetvolk: het trok voort; 3. (België) vaandel bij een muziekkorps. Eertijds werd een vendel in de legers gebruikt door de vendelier of vendelzwaaier, die - met sierlijke ma...
Gerelateerde zoekopdrachten
Log hier in om direct te kunnen beginnen met schrijven.
Wil je dit begrip toevoegen aan je favorieten? Word dan snel vriend van Ensie en geniet van alle voordelen: