Wat is de betekenis van Satyr?

1993
2021-08-04
Vreemd Nederlands

Jan Meulendijks

Satyr

halfgod (myth.)

1961
2021-08-04
Mythologische Encyclopedie

Geschreven door Dr. A. van Anken

SATYR

Zie Sater.

1955
2021-08-04
Vreemd woordenboek

Vreemde woorden woordenboek

Satyr

zie: sater.

1950
2021-08-04
Groot woordenboek der Nederlandse taal - 1950

Nederlands woordenboek (7e druk)

Satyr

zie SATER.

1948
2021-08-04
Kramers woordentolk

Vreemde woorden, uitdrukkingen en afkortingen (1948)

satyr

sater, m. veld- of bosgod met bokspoten (zinnebeeld v. d. grofzinnelijke mensennatuur); oude wellusteling, kinderverkrachter.

1933
2021-08-04
Iedereen

Encyclopedie voor Iedereen

Satyr

→ Sater.

1933
2021-08-04
Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Satyr

(Gr. myth.). S. vormen het uitgelaten gevolg van den god Dionysus. Zij zijn half dier, half mensch en worden afgebeeld met baard, staart en bokspooten. Bij latere kunstenaars zijn zij meer geïdealiseerd.

Lees verder
1926
2021-08-04
Christelijke encyclopedie

Geschreven onder redactie van theoloog F.W. Grosheide, 1925-1931

Satyr

Een goddelijk wezen van de laagste orde, vertegenwoordigend in de Grieksche godenleer het animale natuurleven, baldadig, plagerig, verzot op wijn en op nymphen, op fluitspel en dans. In de Grieksche dramatische poëzie komt hij voor met dierlijke lichaamsdeelen, bokspooten, een staart, behaarde huid.

1916
2021-08-04
Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Satyr

Satyr - goddelijk wezen in het oud-Grieksche volksgeloof. De Satyrs komen als vast gezelschap van Dionysus voor en verbeelden, evenals die god zelf, doch alleen op ruwere wijze, het weelderige natuurleven; zij worden voorgesteld als baldadig, plaagziek en lafhartig, belust op wijn en vrouwen, als liefhebbers van muziek en dans. In het naar hen geno...

Lees verder
1870
2021-08-04
Winkler Prins 1870

Nederlandse encyclopedie

Satyr

Satyr of sater is in de Grieksche fabelleer de naam van daemonische medgezellen van Dionysus (Bacchus), volgens sommigen de zonen van Hermes (Mercurius) en Iphthime of van den satyr Silenus. Zij worden voorgesteld als ruwe, woeste klanten met borstelig haar, een stompen, opgewipten neus, lange ooren en een geiten- of kleinen paardenstaart. Als vrie...

Lees verder