Wat is de betekenis van nogal?

2019
2022-05-18
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

nogal

nogal - Bijwoord 1. tamelijk, in aanzienlijke mate Dit is nogal grof, vind je niet? Woordherkomst samenstelling van nog en al

Lees verder
2018
2022-05-18
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

nogal

nogal - bijwoord uitspraak: nog-al of nog-al 1. behoorlijk, maar niet uitzonderlijk ♢ ik ben nogal verkouden 1. dat gebeurt nogal eens [behoorlijk vaak] Bijwoord: nog...

Lees verder
1973
2022-05-18
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

nogal

bw., tamelijk, in zekere mate, vrij wat: hij lijkt mij nogal pedant; dat gebeurt nogal eens, vrij vaak; in ironisch gebruik: nogal een gezellig werkje! (b.v. erwten uitzoeken).

1952
2022-05-18
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Nogal

adv., moai, knap, aerdich, moai-aerdich.

1950
2022-05-18
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Nederlands woordenboek (7e druk - 1950)

Nogal

bw., tamelijk, in zekere mate, vrij wat: hoe gaat het? nu, het schikt nogal; het zal wel gaan, hij is nogal vlijtig; hij lijkt mij nogal pedant; — dat gebeurt nogal eens, vrij vaak.

1937
2022-05-18
Koenen woordenboek 1937

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

nogal

bw. (tamelijk, vrij wel): ‘t is nogal goed.

1898
2022-05-18
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Nogal

bw. tamelijk, vrij wel, vrij wat : hoe gaat het ? nu, het schikt nogal; het zal wel gaan, hij is nogal vlijtig; hij lijkt mij nogal pedant.