Wat is de betekenis van meniscus?

2010
2022-12-04
Dokterswoordenboek

Ruim 2300 medische begrippen, omschreven door Jannes van Everdingen en Arnoud van den Eerenbeemt

meniscus

Kraakbeenring in het kniegewricht (uitspraak: mee-NIS-kus). Als je loopt of springt, komt er veel druk op je gewrichten en botten te staan. De meniscus, in elke knie twee, vangt een deel van die druk op. Het is dus eigenlijk een soort schokdemper halverwege het been. Mensen die zeggen dat ze last van ‘een meniscus’ hebben, bedoelen dat ze een kap...

Lees verder
1994
2022-12-04
Vreemde woorden

Woordenboek vreemde woorden

Meniscus

[Gr. mèniskos = maansikkel, van mène = maan] 1 holle of bolle vloeistofspiegel in nauwe buizen; 2 (anat.) kraakbeenschijfje in het kniegewricht dat bij voetballers vaak beschadigd raakt.

Lees verder
1993
2022-12-04
Vreemd Nederlands

Jan Meulendijks

Meniscus

; kraakbeenschijf in het kniegewricht; aan de ene kant bol, aan de andere kant hol geslepen lens; vloeistofoppervlak in een buis

1974
2022-12-04
Biologische encyclopedie

Biologische encyclopedie geschreven door G. Th. van Kempen. Amsterdam, 1974.

meniscus

(G., meniskos = kleine maan), kraakbeenschijf bij gewrichtsvlakken, bv. tussenwervelschijven bij de wervelkolom en knieschijf in kniegewricht.

1973
2022-12-04
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

meniscus

[Gr. meniskos, sikkel], m. (-sen), 1. aan de ene zijde bol en aan de andere zijde hol geslepen lens; 2. het oppervlak van een vloeistof in een buis: in nauwe buizen is de meniscus hol of bol door het effect van de oppervlaktespanning; 3. (anatomie) kraakbeenring, naar het centrum toe op doorsnede wigvormig dunner wordend, en met doorboord centrum...

Lees verder
1955
2022-12-04
Vreemd woordenboek

Vreemde woorden woordenboek

Meniscus

maanglas; lens, aan de ene zijde hol, aan de andere bol geslepen; cirkelsector in de vorm van een halve maan; oppervlak van een vloeistof in een haarhuis.

1954
2022-12-04
Medisch Encyclopedie 1954

Eerste Medisch Systematische Ingerichte Encyclopedie

Meniscus

(mv. menisci), kraakbeenschijfjes in het kniegewricht.

1949
2022-12-04
Vreemde woorden in de Natuurkunde

Prof. Dr. P.H. van Laer

Meniscus

(Gr. méniskos = dem. v. mênê = maan). Begrenzing van een vloeistofoppervlak (in aanraking met een andere vloeistof of damp) in een nauwe buis; maantje genoemd wegens den (meestal) gebogen vorm van de verticale doorsnede.

1949
2022-12-04
De Kleine Winkler Prins

Encyclopedie van A tot Z - 1949

Meniscus

(Gr. meniskos, maantje) (1), gebogen vorm van het oppervlak van vloeistoffen in een nauwe buis. Holle meniscus (bij water) en een bolle (bij kwik). De vorm van de meniscus ontstaat door de oppervlaktespanning der vloeistof en de adhaesiekrachten tussen vloeistof en wand; (2) z kniegewricht.

Lees verder
1948
2022-12-04
Kramers woordentolk

Vreemde woorden, uitdrukkingen en afkortingen (1948)

meniscus

m. maanglas (glas dat op de ene zijde bol en op de andere hol geslepen is); zie convex-concaaf. Menist , m. doopsgezinde; ~enboterham, ~enbruiloft, ruiming van een privaatput; ~enstreek, v. fijne", vrome list; ~en-waarheid, v. halve waarheid.

Lees verder
1933
2022-12-04
Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Meniscus

(Grieksch: meniskos = maantje), 1° (natuurk.) gebogen vorm, dien het vrije oppervlak van een vloeistof (of het grensvlak tusschen twee vloeistoffen) in een nauwe buis vertoont. Deze afwijking van den normalen, horizontalen vorm is het resultaat van de werking der oppervlaktespanning (grensvlakspanning) en der adhaesie van de vloeistof aan den w...

Lees verder
1930
2022-12-04
Jozef Verschueren

Modern Woordenboek (1930-1961)

meniscus

(mə’niskus) m. (-sen) [Lat. < Gr. mèniskos vklw. van mènè, maan] 1. Algm. halvemaanvormig lichaam. Syn. maanglas. 2. Inz. a. lens die aan de ene zijde bol, aan de andere hol is. b. bol of hol gebogen oppervlak van een vloeistof in een nauwe buis. → capillariteit.

Lees verder
1929
2022-12-04
Geneeskundige Encyclopaedie 1929

Dr. Ch. Bles

Meniscus

halvemaanvormig, kraakbeenig plaatje of schijfje, zooals dat duidelijk in het kniegewricht voorkomt.

1923
2022-12-04
Pinkhof 1923

Pinkhof geneeskundig woordenboek

Meniscus

(μηνίσκος, maantje), 1. halve maanvormig bindweefselachtig kraakbeenig plaatje, zooals zich in sommige gewrichten, bijv. in het kniegewricht, meniscus genu lateralis en medialis, bevinden (M. interarticularis). 2. concaaf-convexe lenzen of brilleglazen, ook periscopische glazen genoemd. 3. in de natuurkun...

Lees verder
1923
2022-12-04
Uitheemsche geneeskunde termen

dr. H. Pinkhof, 2e druk 1935

Meniscus

1. halvemaanvormig bindweefselachtig kraakbenig plaatje, zoals zich in sommige gewrichten, bijv. in het kniegewricht, meniscus genu lateralis en medialis, bevinden (M. interarticularis). 2. concaaf-convexe lenzen of brilleglazen, ook periscopische glazen genoemd. 3. in de natuurkunde, de holle of bolle oppervlakte van vloeistoffen in nauwe buizen.

Lees verder
1916
2022-12-04
Technisch woordenboek

H.J. van Eyk

Meniscus

1e. Maanglas, kijkglas aan de eene zijde hol, aan de andere bol geslepen. 2e. Cirkelsector in den vorm eener halve maan. 3e. Oppervlak van een vloeistof in een zeer nauwe buis.

Lees verder
1916
2022-12-04
Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Meniscus

Meniscus - bovenste deel der vloeistof in een verticale buis, zich zoo ver uitstrekkende als de capillaire werkingen zich nog doen gevoelen. Bij sommige vloeistoffen is in een glazen buis de m. convex, bij andere concaaf. Zie CAPILLARITEIT.

1914
2022-12-04
De vreemde woorden

De vreemde woorden, verklarend woordenboek door Fokko Bos.

meniscus

meniscus - m., maanglas; kijkglas, aan de eene zijde hol, aan de andere bol geslepen; cirkelsector in den vorm eener halve maan ; oppervlak van een vloeistof in een haarhuis.

1898
2022-12-04
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Meniscus

Meniscus m. maanglas, lens aan de eene zijde bol en aan de andere zijde hol geslepen; halvemaanvormig lichaam.

1864
2022-12-04
Beknopt kunstwoordenboek

Beknopt kunstwoordenboek, I.M. Calisch (1864)

meniscus

meniscus - m. maanglas, lens aan de eene zijde bol en aan de andere zijde hol geslepen; halvemaanvormig lichaam

Lees verder