Wat is de betekenis van Gangbaar?

2019
2021-06-19
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

gangbaar

gangbaar - Bijvoeglijk naamwoord 1. wat gebruikelijk is Dit woord is niet erg gangbaar. Woordherkomst Afgeleid van gang met het achtervoegsel -baar Synoniemen courant

Lees verder
2018
2021-06-19
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

gangbaar

gangbaar - bijvoeglijk naamwoord uitspraak: gang-baar 1. wat veel voorkomt of gebruikt wordt ♢ dit is een gangbare uitdrukking 2. waar veel naar gevraagd wordt ♢ dat is een gangbaar artikel...

Lees verder
1973
2021-06-19
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

gangbaar

bn. (-der, -st), 1. (van geld of geldswaardig papier) geldig als wettig betaalmiddel: gangbare munt, ook fig. voor wat algemeen geaccepteerd of gebruikt wordt; van plaatsbiljetten, toegangskaarten enz. geldig: bij de benefietvoorstelling zijn de abonnementskaarten niet -; 2. (oneig., van woorden, zegsw., uitdr., ofwel, bij uitbreiding, van de taal...

Lees verder
1952
2021-06-19
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Gangbaar

adj., gongber.

1926
2021-06-19
Christelijke encyclopedie

Geschreven onder redactie van theoloog F.W. Grosheide, 1925-1931

Gangbaar

Dit woord wordt gebezigd in Gen. 23:16: „vier honderd sikkelen zilver, onder den koopman gangbaar". Het beteekent. dat deze zilveren sikkelen geldig waren, m.a.w. dat zij onder de kooplieden voor echte munt werden aangenomen.

1910
2021-06-19
Handelslexicon

Handelslexicon (1910) door J. Hagers

Gangbaar

Gangbaar - noemt men zulke muntspeciën, die overal in betaling aangenomen worden en niet aan koers onderhevig zijn, in tegenstelling van handelsmunt, welke deze hoedanigheid niet bezit.

1898
2021-06-19
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gangbaar

GANGBAAR, bn. (-der, -st), (van geld of geldswaardig papier) geldig als wettig betaalmiddel: Belgische centen zijn hier te lande niet meer gangbaar; (fig.) gangbare munt, (eig. en fig.) overal geldig; — een karakter dat maatschappelijk niet gangbaar is, dat iem. in de maatschappij doet mislukken. waaraan iedereen zich stoot; — (w. g.)...

Lees verder