Wat is de betekenis van bolleboos?

2019
2021-06-18
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

bolleboos

bolleboos - Zelfstandignaamwoord 1. (Jiddisch-Hebreeuws) iemand die ergens in uitmunt, slimmerik, een zeer intelligent persoon Mijn teamgenoten zien mij niet als een bolleboos. Woordherkomst Herkomst: Jiddisj (vernederlandste vorm) Synoniemen genie Verwante begrippen...

Lees verder
2014
2021-06-18
Mokums woordenboek

Ditte Simons en Hans Heestermans

bolleboos

(< Jidd. ballebos < Hebr. baal ha bajis, heer des huizes), zeer begaafd persoon, m.n. zeer begaafd kind: Als ik als kind wel eens mee moest naar de winkel, deden ze altijd vals-poeslief met mij. ‘Wat is hij groot geworden!’, zeiden ze dan tot mijn moeder, op mij wijzend (terwijl ik vrij klein van gestalte was gebleven). ‘Hij...

Lees verder
1973
2021-06-18
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

bolleboos

bolleboos - m. (-bozen), iemand die zeer begaafd is, in iets uitmunt: hij is een – in wiskunde.

1955
2021-06-18
Vreemd woordenboek

Vreemde woorden woordenboek

Bolleboos

(joodse uitdrukking, eigenlijk: heer des huizes), iemand die uitmunt,

1952
2021-06-18
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Bolleboos

s., útljochter, ûtblinker.

1950
2021-06-18
Groot woordenboek der Nederlandse taal - 1950

Nederlands woordenboek (7e druk)

Bolleboos

m. (...bozen), 1. iem. die uitstekend begaafd is, bijzonder in iets uitmunt. 2. (Barg.) baas; burgemeester.

Lees verder
1949
2021-06-18
Boevenjargon

Geschreven door Professor Henry Roskam

bolleboos

zie: bollebof.

1925
2021-06-18
Nederlandse spreekwoorden

Nederlandse spreekwoorden, spreekwijzen, uitdrukkingen en gezegden (1923-1925) door F.A. Stoett

Bolleboos

D.i. een baas, iemand die uitmunt. Sommigen achten dit woord van Hebreeuwschen oorsprong: ba'alhabbajit, uitgesproken [i]b[o bakje][o bakje]l-h[a bakje]-b[o bakje jjis, [/i]heer des huizes. Anderen denken aan eene vervorming van bollebuis, poffertje, goede dikke persoon. Voor den bet. overgang zijn wellicht bol en het hebr...

Lees verder
1919
2021-06-18
uitdrukkingen

Woorden en uitdrukkingen verklaard

Bolleboos

iemand, die bijzonder uitsteekt in het een of ander, die een heele baas, een knappertje is; waarschijnlijk door middel van de dieventaal of het bargoensch tot ons gekomen uit het hebr, bahalhabaïs — heer des huizes.

1898
2021-06-18
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Bolleboos

BOLLEBOOS, m. (...boozen), iem. die uitstekend begaafd is, bijzonder in iets uitmunt; ...BUIS, v. (...buizen); ...BUISJE, o. (-s), (gew.) bolvormig gebakje, poffertje, (ook) appelbol; ook van dikke, welgedane en goedige personen gebruikt; — (gew.) wat zijn ze dikke bollenvisjes goede vrienden.

Lees verder