Wat is de betekenis van Bokking?

2020
2020-10-30
Algemeen Nederlands Woordenboek

Algemeen Nederlands Woordenboek

bokking

Het begrip bokking heeft 2 verschillende betekenissen: 1) een gerookte haring. als voorwerpsnaam: een gerookte haring. 2) gerookte haring. als stofnaam of verzamelnaam: gerookte haring.

Lees verder
2020
2020-10-30
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

bokking

bokking - Zelfstandignaamwoord 1. (vissen) (voeding) een gerookte en gezouten haring Ik vind een bokking op z'n tijd heerlijk. Woordherkomst Afgeleid van bok met het achtervoegsel -ling: bokk(el)ing.

Lees verder
2020
2020-10-30
Woordenboek van Populair Taalgebruik

Geschreven door Marc De Coster. Uitgegeven op Ensie in 2020.

bokking

1) (18e eeuw) (sold., zeem.) uitbrander; standje. In Winschootens 'Seeman' (1681) wordt 'bokking' vergeleken met een steek of duw geven of krijgen. Hierdoor zou 'bokking' samenhangen met 'bok' in de zin van 'slag, stoot, stomp'. Zie ook: droge bokking, eigenwijze bokking. • Ymand een...

Lees verder
2018
2020-10-30
Ewoud Sanders

Taalhistoricus en journalist.

Bokking

gerookte haring 'Bokking', schreef mr. Willem Bilderdijk in 1834, 'is oorspronkelijk het saamgetrokken van bokeling of beukeling: waarvan de oorsprong is in den naam van Beukels van Biervliet.' Ook in het woord pekel zag Bilderdijk een verbastering van 'Beukels' en hij staat hierin niet alleen: meerdere Duitse woordenboeken schrijven zowel de Bück(...

Lees verder
2017
2020-10-30
Soldaten

Jargon & Slang van Soldaten

Bokking

Bokking - een bokking krijgen: een standje, een uitbrander. Vnl. bij de infanterie gebruikelijke term, sedert ca. 1913. Dateert evenwel uit de 17de eeuw. We treffen de uitdrukking reeds aan bij W. à Winschooten (Seeman, 1681). Een bokking is een gerookte haring.

2016
2020-10-30
Culinair van a tot z

Culinair van a tot z

bokking

Een op speciale wijze gerookte haring. Verse soorten worden gebakken en als hoofdgerecht geserveerd. Gestoomde bokking (= Engelse methode) wordt als broodbeleg gebruikt.

1998
2020-10-30
Woordenboek van populaire uitdrukkingen

Marc De Coster ©, 1998

Bokking

een - krijgen een standje krijgen. Deze uitdr. was, volgens Van Ginneken, reeds gebruikelijk rond 1860 bij de artillerie. Een dialectvorm van bokking,nl. bokkum,duikt op in de uitdr. (gebruikelijk onder havenarbeiders) een bokkum halen‘bij de baas op kantoor een standje krijgen’. Zie ook geile bokking.

Lees verder
1938
2020-10-30
Voedings en Genotsmiddelen

Encyclopaedie voor voedings- en genotmiddelen door dr. M. Wagenaar. 1e druk 1938.

Bokking

Bokking is gerookte haring. Veel van de haring, die aan onze kusten en op de Noord- en Zuiderzee gevangen wordt, verwerkt men tot bokking (voornamelijk steurharing d.w.z. haring, die ter wille van het tijdverlies niet gekaakt kan worden en daarom licht wordt gezouten). Monnikendam en Harderwijk zijn vanouds bekend om hun bokkingrookerijen. Het rook...

Lees verder
1937
2020-10-30
Woordverklaring

Dr. L.M. Metz - 1937

Bokking

Gerookte haring. De haring, gezouten in tonnen (kantjes) aangevoerd, wordt gespeet (d.i. een dunne stok door de kieuwen en den bek gestoken). De speten met haringen hangt men naast elkaar in rijen en dan boven elkaar tot een hoogte van 10 meter. De onderste rijen hangen twee meter boven den vloer, waarop een rookend vuur van eikenhoutafval (mot) br...

Lees verder
1933
2020-10-30
Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Bokking

Bokking is gerookte haring. Het rooken geschiedt op de visschersplaatsen langs de Zuiderzee en de Noordzee. Het geschiedt in steenen gebouwtjes, die in 6 tot 10 afdeelingen verdeeld zijn en elk eenige meters lang en breed zijn. De haring wordt in de kap van deze afdeelingen in ong. tien rijen boven elkaar opgehangen. Daartoe wordt zij vooraf gespee...

Lees verder
1916
2020-10-30
Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Bokking

Bokking - Gezouten en daarna gerookte haring. Bij ons wordt hoofdzakel. tweeërlei soort van haring tot b. verwerkt, n.l. steurharing, d.i. ongekaakte gezouten haring uit de Noordzee en Zuiderzeeharing (zie onder HARING). Het rooken geschiedt in daarvoor bijzonder ingerichte rookerijen, aan de Zuiderzee „bokkinghangen” genaamd, welke voornamel. te S...

Lees verder
1916
2020-10-30
Oosthoek Encyclopedie

De Oosthoek is een Nederlandse encyclopedie die in verschillende uitvoeringen is verschenen

bokking

bokking - m. (-en), (ook: bokkem). 1. gerookte haring; diepwaterse –, gezouten en weinig gerookt, haring; Engelse –, spekbokking; hij droogt uit als een Harderwijker –, van een vervelend mens gezegd; 2. (fig.) iemand een – geven, een standje, een scherpe berisping, vinnig verwijt.

1898
2020-10-30
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Bokking

BOKKING, m. (-en), BOKKÜM, m. (-s), gerookte haring; — diepwatersche bokking, gezouten en weinig gerookt; — (fig.) iem. een bokking geven, scherpe berisping, vinnig verwijt; — hij droogt uit als een Harderwijker bokking, van een vervelend mensch gezegd. Bokkinkje, o. (-s).

Lees verder