Wat is de betekenis van bijdehand?

2019
2021-01-23
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

bijdehand

bijdehand - Bijvoeglijk naamwoord 1. snel en gevat van reactie Het bijdehante meisje haalde allemaal goede punten voor haar proefwerken. 2. brutaal De bijdehante jongen had zijn weerwoord gelijk klaar. Woordherkomst Samenstelling van bi...

Lees verder
2018
2021-01-23
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

bijdehand

bijdehand - bijvoeglijk naamwoord uitspraak: bij-de-hand 1. wie het vlug snapt en snel reageert ♢ onze oudste dochter is erg bijdehand Bijvoeglijk naamwoord: bij-de-hand ... is bijdehanter dan ... ...

Lees verder
1950
2021-01-23
Dikke Van Dale

Nederlands woordenboek (7e druk)

Bijdehand

bn. (bijdehanter, meest —), vlug van begrip, pienter, handig : een bijdehand kind ; — in minder gunstige opvatting : vrijpostig.

1898
2021-01-23
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Bijdehand

BIJDEHAND, BIJDERHAND, bn. hij is bijdehand, hij is slim, vlug, gevat; ’t is een bijdehand kind.