Synoniemen van beperkt

2020-04-06

beperkt

beperkt - bijvoeglijk naamwoord uitspraak: be-perkt 1. zonder begrip voor anderen ♢ hij is nogal beperkt in zijn oordeel 2. niet helemaal of optimaal ♢ zij kan haar knie maar beperkt buigen 1. een beperkt aantal [niet alles of allemaal] 3. kle...

2020-04-06

beperkt

beperkt - Bijvoeglijk naamwoord 1. verminderd, met specifieke grenzen Het apparaat is goed inzetbaar in beperkte ruimtes. Een beperkter assortiment is goed voor het rendement. Hoewel het land heel groot is is het niet oneindig groot, het is beperkt van omgang. beperkt - Werkwoord 1. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van b...

2020-04-06

Beperkt

BEPERKT, bn. (-er, -st), bepaald; in zijn tijd beperkt zijn, niet volop den tijd hebben; — eenigszins verkleind, verminderd beperkte dienst op Zondag; — (fig.) bekrompen: een beperkt verstand, kennis; beperkt in zijn oordeel zijn; — beperkt algemeen kiesrecht, waarbij bepaalde categorieën van personen worden uitgesloten; — gering: eene beperkte keuze; — beperkte middelen hebben, niet rijk zijn. BEPERKTHEID, v. het beperkte, geringheid, bekrompenheid.

2020-04-06

beperkt

bn. (-er, -st), 1. geen volle vrijheid of macht hebbend over: in zijn tijd — zijn; 2. enigszins verkleind, verminderd: beperkte dienst op zondag; — algemeen kiesrecht, waarbij bepaalde categorieën van personen worden uitgesloten; 3. (fig.) klein, niet ver reikend: een beperkte keuze; oneig.: een — verstand, beperkte kennis; — in zijn oordeel zijn, bekrompen.

2020-04-06

Beperkt

zie Bekrompen.