Wat is de betekenis van BAARLIJK?

1980
2021-01-15
Van aalmoes tot zwijntjesjager

Geschreven door Dr. E. Schröder, 1980

Baarlijk

Het woord baarlijk komt thans alleen nog voor in de verbinding: de baarlijke duivel, de duivel die zichzonder enige vermomming, in al zijn verschrikkelijkheid vertoont. Het woord is afgeleid van baar: bloot, naakt, open, dat hetzelfde is als bar: erg. Baar komt alleen nog voor in enige vaste verbindingen, zoals: baar geld en bare (of baarlijke) onz...

Lees verder
1973
2021-01-15
Oosthoek Encyclopedie

De Oosthoek is een Nederlandse encyclopedie die in verschillende uitvoeringen is verschenen

Baarlijk

Baarlijk - bn., baarlijke duivel, de duivel in eigen persoon; baarlijke onzin, klinkklare onzin.

1950
2021-01-15
Dikke Van Dale

Nederlands woordenboek (7e druk)

Baarlijk

bn., zich onbedekt vertonend, vooral in: de baarlijke duivel, de duivel in eigen persoon, zonder enige vermomming of bedekking; aangaan, razen of tieren als de baarlijke duivel; baarlijke onzin, klinkklare.

1898
2021-01-15
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

BAARLIJK

bn. (alleen in): baarlijke duivel, de duivel in eigen persoon, zonder eenige vermomming of bedekking; — aangaan, razen of tieren als de baarlijke duivel, als de duivel in eigen persoon.

Lees verder