Equivalentiecijfermethode betekenis & definitie

De equivalentiecijfermethode is een kostenallocatiemethode en een variant op de delingscalculatie, die kan worden toegepast in het geval van heterogene massaproductie. Deze methode alloceert de totale indirecte kosten aan verschillende kostendragers met behulp van equivalentiecijfers en is slechts toepasbaar indien de kostendragers gelijksoortig van aard zijn.

Equivalentiecijfers zijn gebaseerd op één allocatiebasis en weerspiegelen de mate waarin de verschillende kostendragers een aandeel hebben in de indirecte kosten. De kostendrager met de laagste waarde in allocatiebasis vormt het uitgangspunt voor de equivalentiecijfers; deze krijgt dan ook equivalentiecijfer 1. Vervolgens worden equivalentiecijfers als wegingsfactoren toegekend aan de aantal voortgebrachte eenheden van de verschillende kostendragers; de producten hiervan worden rekeneenheden genoemd. De totale indirecte kosten worden vervolgens aan de verschillende kostendragers gealloceerd door deze kosten te delen door de som van de rekeneenheden, vermenigvuldigd met het unieke equivalentiecijfer toebehorend aan de betreffende kostendrager.

Een voorbeeld: de indirecte kosten van een organisatie zijn €4.000.000 en als allocatiebasis wordt gekozen voor “directe kosten per product”. Er zijn twee producten (kostendragers): A en B. Van product A worden er 10.000 geproduceerd, van product B 20.000. De directe kosten van product A bedragen €105 en van product B €75. Waar product B nu equivalentiecijfer 1 toegewezen krijgt, is het equivalentiecijfer voor product A 1,40 (105/75). Rekening houdend met de productiehoeveelheden, ontstaan de volgende rekeneenheden: 14.000 voor product A (10.000*1,4) en 20.000 voor product B (20.000*1). De allocatie van indirecte kosten aan kostendragers ziet er nu als volgt uit:

Product A: 4.000.000/34.000 (totaal aan rekeneenheden) * 1,4 = €164,71
Product B: 4.000.000/34.000*1 = €117,65

Het is belangrijk om op te merken dat een andere allocatiebasis zal leiden tot een andere verdeling van de indirecte kosten. Daarom moet de keuze voor een allocatiebasis gedegen onderbouwd zijn en periodiek worden herzien.