uitvreter betekenis & definitie

profiteur; parasiet; klaploper. Van Nescio verscheen in 1933 ‘De uitvreter’.

Een anarchistische ‘uitvreter’. (Het Volk, 25/12/1910)

Uitvreters van jouw soort maken me onwel. (Willem van Iependaal, Kluivenduikers Doedeldans, 1937)

Laatst bijgewerkt 16-05-2017