babok betekenis & definitie

zeventiende-eeuws scheldwoord voor een lomperd of domoor. Terug te vinden in het werk van Hooft en Bilderdijk. Thans verouderd. Het WNT vermoedt een ontlening aan het Portugees, waar baboca in deze zin voorkomt. Het werkwoord babokken betekende: ‘als een domoor behandelen’.

.. .dat ik aan zulk een babok een letter schryven zou. (Justus van Effen, De Hollandsche Spectator, 16/05/1932)

Sergeant, breng dien babok naar de bagagië, en consigneer hem een broodwagen. (Onno Zwier van Haren, Pietje en Agnietje, of de doos van Pandora, 1954)

Ensiegebruikers willen de geschiedenisprijs winnen! Stem ook mee in slechts 3 seconden.Stem nu op Ensie | Encyclopedie sinds 1946