Het zwarte schaap zijn betekenis & definitie

Het zwarte schaap zijn is een uitdrukking, waarmee wordt aangegeven dat iemand het buitenbeentje van een groep of familie is. Daarnaast betreft het vaak een verstoten familielid.

Waarschijnlijk komt het spreekwoord vanuit het hoeden van schapen. Veel volken geloofden dat het kwaad in een kudde schapen kon sluipen. Om dit te voorkomen, lieten herders vaak een zwarte bok of schaap in de kudde meelopen. Deze moest er voor zorgen dat de andere dieren niet in aanraking kwamen met het kwaad. Daarnaast valt een zwart schaap natuurlijk erg op in een verder volledig witte kudde. Het zwarte dier was dus het buitenbeentje, diegene die buiten de groep valt. Als er van een familielid gezegd wordt dat hij of zij het zwarte schaap van de familie is, wordt er bedoeld dat diegene niet echt binnen de familie past, dus andere gewoonten of een andere levenswijze heeft.