Crisisbeheersing en rampbestrijding betekenis & definitie

Crisisbeheersing is het geheel van maatregelen en voorzieningen, met inbegrip van de voorbereiding daarop, dat het gemeentebestuur of het bestuur van een veiligheidsregio in een crisis treft ter handhaving van de openbare orde.

Crisisbeheersing en rampbestrijding valt in eerste aanleg onder het gezag van de burgemeester van de gemeente. Indien de ramp wordt opgeschaald, met andere woorden de gemeentegrens overstijgt, komt de verantwoordelijkheid te liggen bij de voorzitter van de veiligheidsregio. Bij een ernstige crisis kan in uitzonderlijke gevallen de minister van Veiligheid en Justitie de verantwoordelijke zijn.

Bij goed crisismanagement vindt er eerst een zorgvuldige analyse plaats van de feiten. Aansluitend vindt er een zorgvuldige analyse plaats van het netwerk. De Wet Veiligheidsregio’s voorziet in betrokkenheid van de juiste partijen uit de functionele ketens.

Er zijn een groot aantal crisistypen, zoals bijvoorbeeld terroristische aanslagen, cybercrime, ontploffingen in industriële installaties, overstromingen en stroomuitval.

Niet alleen met klassieke rampen, maar ook steeds meer wordt de samenleving geconfronteerd met crises. Vitale belangen van gemeenten, provincie en staat zijn of worden aangetast. Te denken valt aan territoriale, politieke, economische, ecologische en fysieke veiligheid.

Goede crisisbeheersing bij rampbestrijding begint dus eerst met het maken van een goede analyse van de bestaande feiten. Vervolgens vindt er een goede analyse plaats van het netwerk. Voor dit netwerk is het uiterst belangrijk om goed af te stellen op welk niveau de overheid betrokken is. Dit kan zijn op decentraal, centraal of Europees niveau. Daarnaast is het belangrijk om te weten wat de relatie is tussen de ketens en hoe de afstemming gewaarborgd is.

Crisisbeheersing en rampbestrijding en de handhaving van de openbare orde vormen tezamen de algemene keten. Kenmerkend daarvoor is dat het de algemene bevolkingszorg betreft.