Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

Gepubliceerd op 14-11-2017

paniek

betekenis & definitie

paniek - zelfstandig naamwoord
uitspraak: pa-niek

1. plotselinge grote schrik
toen er brand uitbrak, raakte iedereen in paniek

Zelfstandig naamwoord: pa-niek
de paniek