Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

Gepubliceerd op 14-11-2017

hip

betekenis & definitie

hip - bijvoeglijk naamwoord

1. opvallend of modern (jaren 70)
wat heb je een hip jasje aan!

Bijvoeglijk naamwoord: hip
... is hipper dan ...
het hipst
de/het hippe ...
iets hips

Synoniemen
blits

Tegenstellingen
antiek, ouderwets