Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

Gepubliceerd op 14-11-2017

afdoend

betekenis & definitie

afdoend - bijvoeglijk naamwoord
uitspraak: af-doend

1. zoveel als nodig is en zelfs meer
die foto is afdoende bewijs voor de politie

Bijvoeglijk naamwoord: af-doend
de/het afdoende ...

Synoniemen
genoeg, toereikend, voldoende

Tegenstellingen
ontoereikend