Woonhuizen in Amsterdam (Nieuwendam) betekenis & definitie

Van de oude eenlaagse houten dorpshuizen hebben enkele nog een 18de-eeuws of zelfs 17de-eeuws houtskelet. De meeste zijn voorzien van een (later vernieuwd) houten voorschot met ingezwenkte top.

Een 17de-eeuws houtskelet bezit Brede Kerkepad 6. De in 1964 gerestaureerde buitenbekleding werd begin 19de eeuw aangebracht, evenals het lage achterhuis. Het L-vormige huis Molenpad 9 heeft een mogelijk 17de-eeuwse kern en een stenen aanbouw uit circa 1750 (gerestaureerd 1984). Het L-vormige houten huis Brede Kerkepad 1 kreeg in 1768 een bakstenen voorgevel; de klokvormige top is gereconstrueerd. Goede voorbeelden van in opzet 18de-eeuwse diepe houten huizen met houten klokgevel zijn Nieuwendammerdijk 237, 283, 307, 381 en 383. Een ingezwenkte gevel met klein topfronton hebben Nieuwendammerdijk 329, 359 en 421. Karakteristiek zijn de 18de-eeuwse panden met een schuingeplaatst hoekvenster, zoals Nieuwendammerdijk 232 en 317. Bij het kleine 19de-eeuwse huis Nieuwendammerdijk 431 bevindt zich de toegang met gang onder een afluiving. Een schilddak heeft het 19de-eeuwse dubbele dwarse huis Meerpad 1-3. Ook nog in hout uitgevoerd is het dwarse pand Nieuwendammerdijk 321 (circa 1880) met hoger opgaand middenrisaliet. De fysiotherapeut en later kuurarts J.G. Mezger liet rond 1875 voor zijn gefortuneerde patiëntenkring de neoclassicistische herenhuizen Nieuwendammerdijk 300-308 bouwen.

Het in ‘Um 1800’-stijl gebouwde huis De Halve Maan (Nieuwendammerdijk 202-204; circa 1910) werd ontworpen door J. London voor scheepsbouwer De Vries Lentsch. J.C. Mentink ontwierp de vergelijkbare dwarse dokterswoning Nieuwendammerdijk 335 (1912-'13). Voor de directeuren van de Amsterdamse Droogdok Maatschappij ontwierp W. Noorlander met rationalistische elementen de villa's Meeuwenlaan 21 en 25 (1912-'13). Voor de directeur van de machinefabriek P.M. Duyvis & Co. verrees de villa Volewijck (Meeuwenlaan 11; 1916, G.J. Rutgers).

Gepubliceerd op 22-05-2017