Kasteel Radboud in Medemblik betekenis & definitie

(Oudevaartsgat 8) is een omgracht L-vormig kasteel met ronde hoektoren en twee kleinere vierkante torens. Het werd in 1288 door Floris V als dwangburcht gesticht. Oorspronkelijk had het de vorm van een vierkante burcht met ronde hoektorens en een kleine vierkante toren in het midden van elke zijde. Na de ontmanteling in 1578 kwamen de restanten in 1606 aan de stad. Van 1661 tot 1734 deed de grote zaal dienst als ‘Oosterkerk’.

De ruïne werd in 1758 en 1848 steeds verder gesloopt, waardoor alleen het zuidelijke kwart overbleef. Dat kwam in 1887 aan de Staat. Een ingrijpend herstel en verbouwing tot kantongerecht volgde in de periode 1890-'97 naar plannen van J.A. van Lokhorst met advies door P.J.H. Cuypers. De naam kasteel Radboud werd afgeleid van de vermeende 8ste-eeuwse stichter van Medemblik. Bij de restauratie heeft men de buitenbekleding vernieuwd, de zuidelijk ronde toren herbouwd en het geheel voorzien van trapgevels en kantelen. Na afbraak van de bij het kasteel gelegen stoomconservenfabriek (1906, brand 1931) en omringende bebouwing in 1936 heeft men in 1937 de kasteelgrachten weer uitgegraven en de contouren van het oorspronkelijke kasteel aangegeven. Bij een nadere restauratie in 1967 (H. de Lussanet de Sablonière) zijn de laat-19de-eeuwse ingrepen op grond van nieuwere inzichten gecorrigeerd. Binnen bevinden zich twee van elders afkomstige laat-gotische schouwen op gebeeldhouwde wangstukken (circa 1450) en een vroeg-renaissancistisch tochtportaal (tweede helft 16de eeuw).

Gepubliceerd op 26-05-2017