Diamantslijperijen in Amsterdam buiten de singelgracht betekenis & definitie

De vanaf circa 1590 vooral door Sefardische joden in Amsterdam beoefende diamantbewerking werd vanaf 1840 fabrieksmatig georganiseerd. De jaren 1872-'76 vormden een hoogtepunt vanwege de aanvoer van Kaapse diamanten. Als gevolg van het monopolie van de firma De Beers (1889) liep de aanvoer terug, maar na de Boerenoorlog (1899-1902) brak een nieuwe bloeitijd aan. In 1913 waren er 70 slijperijen met in totaal 8000 molens (slijpschijven). Daarvan zijn er nog enkele gebouwen over. De diamantslijperij van Van Moppes (A. Cuypstraat 2-6), vroeger J.C.J. Kamfrath, een vierlaags gebouw uit 1890 in sobere utilitaire stijl, werd ontworpen door J.W. en G.W. Meijer.

De diamantslijperij Asscher (Tolstraat 127-129) is een indrukwekkend, overwegend vierlaags gebouw met hogere hoekuitbouw en haakse vleugel. Deze in 1907 voor A. Asscher gebouwde fabriek in gewapend beton met onderslagbalken en dikke vloeren, maar zonder zolderbalken, bood plaats aan 300 molens. Het is uitgevoerd met rationalistische en jugendstil-elementen naar plannen van G. van Arkel. Bij het hek staat een portiersgebouw in dezelfde stijl.

Gepubliceerd op 22-05-2017