Golven betekenis & definitie

Golven vormen zich door de som van de zeegang (de ter plaatse waaiende wind) en de deining (golven die elders zijn opgewekt en daar zijn weggelopen).

De golfhoogte is de afstand tussen de top en het dal van de golf. De hoogte hangt vooral af van de sterkte van de wind. Ook de duur van een storm en de omvang en diepte van het water zijn van belang. Een harde wind (windkracht 7) veroorzaakt op de Noordzee golven van vier meter hoog. Bij een zware storm (windkracht 10) kunnen huizenhoge golven ontstaan.

Trekt het windveld van een noordwesterstorm toevallig precies in de richting van de golven over de Noordzee, dan kunnen de golven extreem hoog worden. Dit komt zelden voor, maar zorgt dan wel voor extreem hoge golven. Langs de Waddenkust zijn golven van twaalf meter hoog gemeten. In het midden en noorden van de Noordzee, waar het water veel dieper is, zijn dan golfhoogtes van meer dan twintig meter mogelijk.

Een belangrijke factor voor hoge golven is het verschil in temperatuur tussen de lucht en het water. Vooral in het najaar en de winter is de aangevoerde lucht soms veel kouder dan het zeewater. Hierdoor groeien de golven sneller aan dan normaal. Bovendien vormen zich dan boven de Noordzee buien met windstoten die ook bevorderlijk zijn voor de golfgroei.

De maritieme meteorologen in De Bilt zijn verantwoordelijk voor de wind- en stormwaarschuwingen. Ze maken ook verwachtingen van golfhoogtes. Voor de berekeningen maken ze gebruik van het computermodel (WAM). Dit computermodel is ontwikkeld door onderzoekers van het KNMI in samenwerking met een groot aantal landen.

Gepubliceerd op 14-06-2016