Katholieke Encyclopaedie

Uitgeverij Joost van den Vondel (1933-1939)

Gepubliceerd op 06-06-2019

Engelsche tuinaanleg

betekenis & definitie

Begin 18e eeuw werd, onder invloed van de studie van Oud-Chineesche tuinen, in Engeland (en later op het vasteland) de traditie van Le Nôtre verlaten en de architectonische tuinstijl vervangen door den zgn. Engelschen of landschappelijken stijl, die met zijn onregelmatigheden de natuur poogt na te bootsen.

Slechts in de omgeving van het huis gaat het landschap over in den meer regelmatig aangelegden bloemen-tuin. In plaats van vlak wordt bij voorkeur geaccidenteerd terrein gekozen; kunstmatige waterwerken worden vervangen door slingerende beekjes; de beplanting wordt in schilderachtige groepen aangebracht.

Bekende tuinarchitecten uit dien tijd zijn o.a. Kent, Brown, Chambert en vooral Repton (*1754, ♱ 1818), die de juiste aesthetische en practische regels vaststelde, welke thans, ten deele gewijzigd, nog gelden voor den landschapsstijl.

Sinds eenige tientallen van jaren is er weer een reactie tegen dezen stijl gekomen. Hendricks.

< >