volk - zelfstandig naamwoord
1. groot aantal mensen bij elkaar
♢ er was veel volk op straat
1. het gewone volk
[de gewone mensen]
2. grote groep mensen die samen in een land wonen
♢ het Nederlandse volk was erg blij met de bevrijding
Zelfstandig naamwoord: volk
het volk
de volken of volkeren
het volkje
Synoniemen
drom, horde, massa, menigte, natie, schare
Tegenstellingen
enkeling
Gepubliceerd op 14-11-2017
volk
betekenis & definitie