coronavirus betekenis & definitie

Tot 2003 had geen krantenlezer ooit van het coronavirus gehoord. Dat veranderde door de uitbraak van SARS (zie aldaar). Krap twee weken nadat de WHO voor het eerste melding maakte van deze ‘mysterieuze longontsteking’, schreef het ANP (onder de kop ‘Onderzoekers vinden mogelijke oorzaak SARS’): ‘Het virus, SARS genoemd, zou tot de familie van het coronavirus behoren, zo maakten de onderzoekers maandag bekend. [...] Coronavirussen veroorzaken bij de mens infecties aan de bovenste luchtwegen.’

Vanaf dat moment was het woord coronavirus <ndash> dat in wetenschappelijke kring al veel langer bekend is, maar dat tot nu toe ontbrak in de algemene woordenboeken <ndash> niet meer weg te denken uit de pers. Over de herkomst van het coronavirus schreef De Standaard eind maart 2003:

Coronavirussen werden voor het eerst geïsoleerd in 1937, uit kippen. Aan het eind van de jaren zestig concludeerden medische onderzoekers dat vertegenwoordigers van deze virusklasse de helft van alle verkoudheden veroorzaken. Er is geen behandeling bekend tegen coronavirussen, die hun naam danken aan kroon-achtige uitsteeksels op hun oppervlak, die zichtbaar worden onder de elektronenmicroscoop.

Men noemde dit nieuwe coronavirus ook het wel het SARS-virus en SARS werd soms kortweg aangeduid als het luchtwegensyndroom wat ook een nieuw woord is.