MRI betekenis & definitie

MRI is een afkorting van magnetic resonance imaging. Er wordt gebruik gemaakt van de eigenschappen van een waterstof atoom. Het lichaam van een mens bestaat voor 80% uit water.

Er wordt een magneetveld gemaakt in de MRI scan. Hierdoor gaan alle waterstof atomen (de protonen hierin) dezelfde kant op staan. Net zoals een kompas naar het noorden. Door dit magnetisch veld komen de protonen in een hogere energie toestand, waar ze eigenlijk graag uit willen. Zodra het magneet veld uit word gezet gaat het molecuul weer binnen 1000msec in zijn oorspronkelijke stand staan. Bij het terugvallen geeft het atoom aan één kant ioniserende straling af om van zijn hogere energie waarde af te komen. Deze straling wordt gemeten door een detector. Door veel wiskundige berekeningen kan een beeld worden geconstrueerd van de binnenkant van het lichaam.

Een MRI heeft als voordeel dat het een goede resolutie heeft. Het is een belangrijk instrument bij de opsporing van centraal zenuwstelsel pathologie, tumoren en vasculaire afwijkingen. Het is helaas duur doordat het een tijdsintensief proces is. Ook kan niet iedereen in een MRI scanner vanwege bijvoorbeeld hevig overgewicht, claustrofobie of metalen voorwerpen in het lichaam.

Hoe sterk is dat magnetisch veld nu? Enorm! Elk metalen voorwerp wordt wanneer de spoel aanstaat regelrecht het apparaat in getrokken: https://www.youtube.com/watch?v=6BBx8BwLhqg

Gepubliceerd op 03-01-2017