Wat is de betekenis van treurig?

2026-01-19
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Van Dale Uitgevers (1950)

Treurig

bn. bw. (-er, -st), 1. verdrietig, droevig, bedroefd: treurig gestemd zijn; — van droefheid blijk gevend: een treurig gezicht zetten; — daaruit voortkomend of er van vervuld: treurige gedachten; — treurige dagen, waarin men droevig is; 2. droefheid veroorzakende: een treurig ongeval, bericht; &rs...

Wil je de volledige toegang tot alle 20 resultaten?

Word vriend

Of oriënteer eerst en blader door onze categorieën


Studenten en medewerkers van onderstaande onderwijsinstellingen hebben gratis toegang

Universiteit Leiden University of Amsterdam Universiteit Utrecht
2026-01-19
Nederlandstalige WikiWoordenboek

Wiktionary (2019)

treurig

treurig - Bijvoeglijk naamwoord 1. waardig beklaagd te worden Dit was een ronduit treurige voorstelling van dit prachtige toneelstuk. 2. vol treurnis Er heerste een treurige stemming. Woordherkomst Naamwoord van handeling van treuren me...