Wat is de betekenis van speld?

2022
2022-12-08
Woordenboek van Populair Taalgebruik

Geschreven door Marc De Coster. Uitgegeven op Ensie in 2022.

speld

(1975) (Eindhoven, muz.) trombone. • (Onze Taal, juli-augustus 1975, citeert Jongerentijdschrift Uit de kunst, maart 1975)

Lees verder
2019
2022-12-08
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

speld

speld - Zelfstandignaamwoord 1. (gereedschap) klein en puntig metalen voorwerp met een kop, bedoeld om iets (bijv. weefsels) vast te zetten, veel gebruikt bij naaien Heel kleine insekten worden opgeplakt op kleine kaartjes, die op een speld worden gestoken. speld - Werkwoord...

Lees verder
2018
2022-12-08
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

speld

speld - zelfstandig naamwoord 1. dun metalen staafje met aan de ene kant een knopje en aan de andere kant een scherpe punt ♢ met een speld maakte hij de mouw vast 1. daar is geen speld tussen te krijgen [je kunt...

Lees verder
2017
2022-12-08
Muzikanten

Jargon & Slang van muzikanten, discjockeys en popliefhebbers

Speld

Speld - muzikantenjargon voor trombone. Genoteerd te Eindhoven.

1980
2022-12-08
Van aalmoes tot zwijntjesjager

Geschreven door Dr. E. Schröder, 1980

Speld

Eigenlijk heet het ‘dunne metalen stiftje, aan het ene eind voorzien van een punt en aan het andere van een knop’ niet speld, maar spel. Het is onder invloed van het woord naald dat spel tot speld is geworden. In zuidnederlandse dialecten komen de vormen spel en spelle nog voor.Voor de afkomst van het woord moeten wij kijken naar het La...

Lees verder
1977
2022-12-08
Erotisch woordenboek

Hans Heestermans

speld

speld - penis (vgl. het met ‘naaien’ samenhangende erotische begrippencomplex). Pans Fluytje 19 [1675]. Vandaar ook: speldenwerken voor: geslachtsgemeenschap hebben; eig. ‘kantwerken met behulp van spelden’. Toen de bevallige Klara had gespellewerkt met een verboode klos, WEYERMAN, Den Vrolyke Tuchtheer 116 [1730].

Lees verder
1973
2022-12-08
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

speld

v./m. (-en), 1. puntig, van een kop voorzien metalen stiftje om iets (m.n. stof) vast te steken of te bevestigen op of aan iets anders: spelden op een kussen steken; een — in een hooiberg zoeken; men kon er een — horen vallen, het was er doodstil; daar is geen — tussen te krijgen, alles sluit volkomen logisch; (ook) men kan er gee...

Lees verder
1952
2022-12-08
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Speld

s., spjeld(e); er is geen — tussen te krijgen, der is gjin finger, neil tusken to krijen.

1950
2022-12-08
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Nederlands woordenboek (7e druk - 1950)

SPELD

v. (-en), 1. puntig, van een kop voorzien metalen stiftje om iets (inz. delen van een weefsel) vast te steken of te bevestigen op of aan iets anders : een brief spelden, papier waarop er een zeker aantal (144 of 100 doorgaans) gestoken zijn ; — spelden voor insecten, met een lange schacht om insecten op te prikken; — sp...

Lees verder
1937
2022-12-08
Koenen woordenboek 1937

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

speld

v. spelden (metalen priempje, pennetje met kop inz. om iets vast te steken; afkorting van dasspeld enz.): iets met een speld vaststeken; een brief spelden; zegsw. er is geen speld tussen te krijgen (of: steken), a) hij praat al maar door, b) het sluit als een bus; geen speld, Z.-N. niets; zegsw. een speldje bij iets steken, evenals de naaister doet...

Lees verder
1930
2022-12-08
Jozef Verschueren

Modern Woordenboek (1930-1961)

speld

(spelt) v.(-en ; -je) [Lat. spinula, vklw. van spina, doorn] 1. Eig. puntig metalen pennetje met kop, om iets vast te steken : een brief -en; iets met een vaststeken; insekten met -en opprikken; haar-, veiligheidsspeld. Gez. een in een hooiberg zoeken, vergeefse moeite doen; ergens een -je bij steken [als teken dat men eindigt], niet verder met iet...

Lees verder
1898
2022-12-08
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

SPELD

SPELD - v. (-en), puntig pennetje van ijzer- of koperdraad van een kop voorzien, om iets vast te steken : een brief spelden, papier waarop een zeker aantal spelden (144 of 100 doorgaans) gestoken zijn; — spelden voor insecten, met eene lange schacht om insecten op te prikken; — veiligheidsspelden; haarspelden, zie aldaar; — spel...

Lees verder
1864
2022-12-08
Nieuw woordenboek der Nederlandsche taal

I.M. Calisch (1864)

Speld

Speld, v. (-en), puntig pennetje van ijzer- of koperdraad; (fig.) hij weet er geen - (niets) van. *-EGELD, o. gmv. buitengewone toelage (aan eene vrouw van haren man of hare ouders). *-EKOP, *-DEKNOP, m. (-pen), bovenste uiteinde eener speld; het is geen - (niets) waard.

Lees verder