play-off
(1920) (< Eng.) (sp.) beslissingswedstrijd; laatste wedstrijd om de winnaar te bepalen tussen deelnemers of teams die gelijk hebben gespeeld. In het meervoud: nacompetitie, o.a. bij basketbal, honkbal en ijshockey. • In de play-off won jhr. Den Beer Poortugaal met 11 slagen. (Algemeen Handelsblad, 09/09/1920) • A.s. Vrijdag zal dan de...