Wat is de betekenis van Peuterspeelzaal?

2018
2022-05-20
Centraal Bureau voor de Statistiek

Begrippenlijsten van het CBS

Peuterspeelzaal

Voorziening voor kinderopvang, bestemd voor kinderen van anderhalf tot vier jaar, die op werkdagen niet meer dan vier uur aaneengesloten geopend is. Toelichting Peuterspeelzalen onderscheiden zich van de andere vormen van kinderopvang omdat deze vorm van opvang niet in de eerste plaats bedoeld is om het (beide) ouders of verzorgers van de op te van...

Lees verder
2018
2022-05-20
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

peuterspeelzaal

peuterspeelzaal - zelfstandig naamwoord uitspraak: peu-ter-speel-zaal 1. instelling waar peuters onder toezicht kunnen spelen ♢ toen Gert-Jan twee was, mocht hij naar de peuterspeelzaal Zelfstandig naamwoord: peu-ter-speel-zaal ...

Lees verder
2003
2022-05-20
Marga Schiet

MOM's lexicon van de opvoedmisstanden

Peuterspeelzaal

Kinderen van twee jaar zijn toe aan een speelzaal. Sommige peuters zijn er op hun tweede jaar echt aan toe. Voor andere kinderen is het beter nog maar even thuis te blijven. Er zijn aanwijzingen die kunnen helpen om erachter te komen of een peuter al toe is aan de peuterspeelzaal. Kan een kind het al een tijdje zonder zijn vader of moeder stellen?...

Lees verder
1990
2022-05-20
Art & Architecture Thesaurus

Art & Architecture Thesaurus

peuterspeelzaal

peuterspeelzaal - Onderwijsinstellingen voor kinderen die te jong zijn voor de kleuterschool en verplicht onderwijs, maar oud genoeg om deel te nemen aan bepaalde educatieve en sociale activiteiten, meestal in de leeftijd van 2,5 tot 4 jaar. Peuterklassen verschillen van kinderdagverblijven omdat er meestal gekwalificeerde beroepskrachten werken, d...

Lees verder
1973
2022-05-20
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

peuterspeelzaal

v./m. (-zalen), opvanggelegenheid voor peuters van 2—4 jaar, met als doelstelling enige malen per week het kind aanvullende spel-, opvoedings-en ontwikkelingsmogelijkheden te bieden. Zie dagverblijf.