Wat is de betekenis van Pensionaris?

2024-02-29
Woordenboek van Populair Taalgebruik

Marc De Coster (2020-2024)

pensionaris

(19e eeuw, vero.) (Amsterdam, sch.) handelaar die pensen verkoopt. • Er is in de vorming van sommige woorden en termen der volkstaal niet zelden een spelend vernuft en een spotachtige luim, waarbg ons onwillekeurig een glimlach om de lippen komt. Ziehier enkele staaltjes van zoodanige woordvorming en uitdrukking, die hier, in Amsterdam, mij me...

2024-02-29
Woordenboek vreemde woorden

A. Kolsteren en Ewoud Sanders (1994)

Pensionaris

[MLat. pensionarius] (gesch.) raadgevend advocaat van regering tijdens de Republiek der Verenigde Nederlanden.

2024-02-29
Lexicon Nederland en België

Liek Mulder (1994)

Pensionaris

Pensionaris (ook: advocaat), in de Noordnederlandse Republiek een rechtsgeleerde raadsman in dienst van een stad of van een gewest. De pensionaris (vroeger clerc geheten) fungeerde als secretaris op de vergaderingen van vroedschap en burgemeesters. Hij trad tevens op als woordvoerder van de afgevaardigden van stad of ridderschap in de Statenvergade...

2024-02-29
Vreemd Nederlands

Jan Meulendijks (1993)

Pensionaris

rechtskundig raadsman van een stad (gesch.)

Wil je toegang tot alle 20 resultaten?

Ja, ik word vriend van Ensie!
2024-02-29
Geschiedenis Lexicon

H.W.J. Volmuller (1981)

Pensionaris

(ook: advocaat) in de Noordned. Republiek rechtsgeleerd raadsman in dienst van een stad of gewest. (Vroeger clerc geheten) Fungeerde op de vergaderingen van vroedschap en burgemeesters als secretaris; trad op als woordvoerder van de afgevaardigden van stad of ridderschap in de Statenvergadering. Daar hij permanent was, was zijn invloed doorgaans gr...

2024-02-29
Zuid-afrikaans woordenboek

H.J. Terblanche - M.A., D. Litt

pensionaris

ontvanger van ‘n pensioen.

2024-02-29
De vreemde woorden

Fokko Bos, Dr. O. Noordenbos (1955)

Pensionaris

raadgevend advocaat bij de stedelijke regeringen onder de republiek der Verenigde Nederlanden.

2024-02-29
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Van Dale Uitgevers (1950)

Pensionaris

(<Lat.), m. (-sen), (Ned. gesch.) stadsadvocaat die als pleitbezorger bij stedelijke gedingen optrad en in het algemeen de hoofdzakelijk rechtsgeleerde raadsman der stedelijke regering was ; gewoonlijk was hij ook de afgevaardigde naar de Staten der Provincie: de pensionaris van Leiden, Mr. Paulus Buys; 2. president der Bataafse Republiek...

2024-02-29
De Kleine Winkler Prins

Winkler Prins (1949)

Pensionaris

(Lat.), tijdens de Rep. stadsadvocaat, pleitbezorger bij stedelijke gedingen, rechtsgeleerd raadsman der stedelijke regering, meestal tevens afgevaardigde naar de Staten der Provincie.

2024-02-29
Kramers woordentolk

Jacon Kramers Jz (1948)

pensionaris

m. raadgevend advocaat bij de stedelijke regeringen onder de republiek v. d. Verenigde Nederlanden; raad~, m. opperste staatsdienaar van de Algemene Staten; van 1805—1806 titel v. h. hoofd v. d. Bataafse republiek.

2024-02-29
Verklarend handwoordenboek der Nederlandse taal

M. J. Koenen's (1937)

pensionaris

m. pensionarissen (Lat. pensionarius: gesch. 1 in onze oude Republiek, bezoldigd rechtsgeleerd raadsman ener stad of v. e. gewest [vertaald door: loontrekkende Raadsman]; 2 in het begin der 19de eeuw: president der Bataafse republiek): 1. de pensionaris Oldenbarneveldt; 2. de pensionaris Schimmelpenninck.

2024-02-29
Vreemde woordenboek

S. van Praag (1937)

pensionaris

m. raadgevend advocaat bij de stedelijke regeringen onder de republiek der Verenigde Nederlanden; raadpensionaris, m. opperste staatsdienaar van de algemene staten: hoofd van de Bataafse Republiek.

2024-02-29
Encyclopedie voor Iedereen

John Kooy (1933)

Pensionaris

vroeger in Ned. de stadsadvocaat, die de stedelijke regeering in alle juridische zaken ter zijde stond.

2024-02-29
Modern Woordenboek

Jozef Verschueren (1930)

pensionaris

(pensio'na:ris) m.(-sen) Eert. 1. in de Republiek der Verenigde Nederlanden, bezoldigd raadsman van een stad of gewest : de was een voornaam ambtenaar; Oldenbarnevelt was van Rotterdam. 2. president van de Bataafse Republiek ; de Schimmelpenninck.

2024-02-29
Oosthoek encyclopedie

Oosthoek's Uitgevers Mij. N.V (1916-1925)

Pensionaris

Pensionaris - (in de Midd. clerc genoemd), ook wel advocaat van de stad genoemd, was de naam van den sted. ambtenaar, die belast was, de stad in rechten bij te staan en op te treden als woordvoerder van de vroedschap bij ontvangst van den vorst of in de Statenverg. Aangezien hij voor onbepaalden tijd benoemd was, had hij grooten invloed op het sted...

2024-02-29
Oosthoek Encyclopedie

Oosthoek's Uitgevers Mij. N.V (1916-1925)

pensionaris

m. (-sen), bezoldigd rechtsgeleerd raadsman in dienst van een stad of gewest. De pensionaris (advocaat) trad op als woordvoerder van de afgevaardigden van stad of ridderschap in de Statenvergadering. Verscheidene staatslieden in de Ned. Republiek zijn hun loopbaan begonnen als pensionaris. De rechtskundig adviseur van de Staten heette raadpensionar...

2024-02-29
De vreemde woorden

Fokko Bos (1914)

pensionaris

pensionaris - m., raadgevend advocaat bij de stedelijke regeeringen onder de republiek der Vereenigde Nederlanden.

2024-02-29
Vivat's Geïllustreerde Encyclopedie

J. Kramer (1908)

Pensionaris

eertijds in de groote en stemgerechtigde steden van Holland de syndicus, die, in zijn stad, een machtsbevoegdheid had gelijk aan die van den Groot- of Raadpensionaris. De raadpensionaris had geen beslissende stem in de statenvergadering, maar alleen de voordracht van hetgeen in beraadslaging kwam. Hij nam de stemmen op, stelde de besluiten op, open...

2024-02-29
Wink's vreemde woordenboek

dr. Jan Romein (1906)

Pensionaris

oudt. raadgevend advokaat der stedelijke regeering tijdens de Republiek der Ver. Ned., tevens afgevaardigde naar de Staten der provincie; raadpensionaris, oudt. landsadvokaat, hooge ambtenaar van Holland tijdens de Republiek.

2024-02-29
Groot woordenboek der Nederlandsche taal

J.H. van Dale (1898)

Pensionaris

Pensionaris m. (-sen), (Ned. gesch.) stadsadvocaat, die als pleitbezorger bij stedelijke gedingen optrad en in het algemeen de rechtsgeleerde raadsman der stedelijke regeering was; gewoonlijk was hij ook de afgevaardigde naar de Staten der Provincie.

Gerelateerde zoekopdrachten