opgezwollen
opgezwollen - bijvoeglijk naamwoord uitspraak: op-ge-zwol-len 1. erg breed of met een grote omvang ♢ zijn enkel is helemaal opgezwollen 2. sterk overdreven ♢ je herkent hem aan zijn opgezwollen...
Klik hier en claim exclusief dit begrip
Nederlands woordenboek voor onderwijs
opgezwollen - bijvoeglijk naamwoord uitspraak: op-ge-zwol-len 1. erg breed of met een grote omvang ♢ zijn enkel is helemaal opgezwollen 2. sterk overdreven ♢ je herkent hem aan zijn opgezwollen...
Art & Architecture Thesaurus
opgezwollen - Het toenemen in omvang of grootte, bijvoorbeeld door opblazen of door opeenhopingen van vloeistof.
Nederlands woordenboek (7e druk - 1950)
bn., 1. door zwelling dik geworden: een opgezwollen vinger; 2. (-er, -st), (fig., veroud.) hoogdravend (van stijl).
M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek
bn. (door zwelling dik geworden): een opgezwollen voet.
Groot woordenboek der Nederlandsche taal
Opgezwollen bn. dik geworden : een opgezwollen vinger; (fig.) (-er. -st), hoogdravend (van stijl). OPGEZWOLLENHEID, v.
Gerelateerde zoekopdrachten
Log hier in om direct te kunnen beginnen met schrijven.
Altijd met LinkedIn ingelogd? Vraag een wachtwoord aan via de 'wachtwoord vergeten' knop.