2020-02-17

opbrengst

opbrengst - Ander woord voor baten of inkomsten van een bedrijf of andere organisatie; de goederen moeten zijn verkocht of de diensten zijn verleend en in rekening zijn gebracht.

2020-02-17

opbrengst

opbrengst - zelfstandig naamwoord uitspraak: op-brengst 1. wat het oplevert ♢ de opbrengst van de collecte is groot 2. wat het oplevert in verhouding tot wat het kost ♢ de opbrengst van deze lening is erg goed Zelfstandig naamwoord: op-brengst de opbrengst de opbre...

2020-02-17

Opbrengst

Opbrengst v. (-en), het voortgebrachte, geleverde: de opbrengst der tarwe valt niet mee; — wat ontvangen of geïnd is: de zuivere opbrengst, de geheele opbrengst bedroeg ƒ1000.

2020-02-17

Opbrengst

Opbrengst - het bedrag dat iets bij verkoop opbrengt, de som waarvoor het wordt verkocht.

2020-02-17

Opbrengst

(wet van de afnemende en toenemende) zie: Optimum.

2020-02-17

opbrengst

('ob) v. (-en) dat wat iets opbrengt inz. (6), het opgebrachte : de aan tarwe valt niet mee; de van een kapitaal; de van de kollekte was gering; hij moet leven van de van zijn pen ; de van een verkoping.