Wat is de betekenis van groeide aaneen?

2019
2022-09-28
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

groeide aaneen

groeide aaneen - Werkwoord 1. enkelvoud verleden tijd van aaneengroeien ♢Ik groeide aaneen ♢Jij groeide aaneen ♢Hij, zij, het groeide aaneen Woordherkomst uit groeide (werkwoord) en aaneen(bijwoord), hiertussen kunnen...

Lees verder