Wat is de betekenis van gaf?

2024-02-29
Nederlandstalige WikiWoordenboek

Wiktionary (2019)

gaf

gaf - Werkwoord 1. enkelvoud verleden tijd van geven ♢Ik gaf ♢Jij gaf ♢Hij, zij, het gaf

2024-02-29
Boevenjargon

Professor Henry Roskam (1949)

gaf

20. gajes volk, mensen. De steeg is vuil en het gajes, dat er steunt, zijn meestal luitjes van de universiteiten. Dof gajes, loos volk, rechercheurs. Link gajes, niet te vertrouwen personen. Om gajes gaan, om zeep gaan, kreperen. Het gajes is pleite, de bewoners zijn uit. Tof gajes, volk dat niet hindert, in tegenstelling met link gajes, politie....

2024-02-29
De vreemde woorden

Fokko Bos (1914)

gaf

gaf, - (argot) twintig.