Wat is de betekenis van Doordringend?

2024-07-22
Prisma Groot Woordenboek Nederlands

Unieboek | Het Spectrum (2024)

2024-07-22
Nederlandstalige WikiWoordenboek

Wiktionary (2019)

doordringend

doordringend - Werkwoord 1. onvoltooid deelwoord vandoordringen doordringend - Bijvoeglijk naamwoord 1. penetrant, door alles heen gaand, schel De vrouw heeft een harde doordringende stem. Uit het huis met de veertig katten kwam een doordringen...

2024-07-22
Muiswerk Educatief

Muiswerk Educatief (2017)

doordringend

doordringend - bijvoeglijk naamwoord uitspraak: door-drin-gend 1. het gaat door alles heen ♢ toen we buiten kwamen, voelden we een doordringende kou Bijvoeglijk naamwoord: door-drin-gend ... is doordringender dan ......

2024-07-22
Woordenboek Nederlands-Turks

Mehmet Kiriş (2024)

2024-07-22
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Van Dale Uitgevers (1950)

Doordringend

bn. (-er, -st), ver binnengaand in: een doordringende koude, die door alles heendringt, scherp gevoeld wordt, snijdend; — een doordringende stem, schel klinkend; — een doordringend verstand, scherp, de zaken tot op de grond doorziende.

2024-07-22
Verklarend handwoordenboek der Nederlandse taal

M. J. Koenen's (1937)

doordringend

bn., bw. (door alles heen dringend; scherp; snijdend, snerpend; schel klinkend): een -e koude; een — geluid, een -e stem; de noordenwind woei — koud; fig. een — verstand, scherpzinnig,

2024-07-22
Modern Woordenboek

Jozef Verschueren (1930)

doordringend

(do:r'dringənt) bn. en bw. (-er, -st) 1. snijdend: een -e koude. 2. schel: een geluid. 3. juist vattend en geheel begrijpen : een verstand. Syn. scherpzinnig, schrander, snedig.

2024-07-22
Oosthoek Encyclopedie

Oosthoek's Uitgevers Mij. N.V (1916-1925)

Doordringend

bn. (-er, -st), ver binnengaand in: een doordringende koude, die door alles heendringt, scherp gevoeld wordt, snijdend; een doordringende stem, schel klinkend; een doordringend verstand, scherp, de zaken tot op de grond doorziende.

Wil je toegang tot alle 10 resultaten?

Ja, ik word vriend van Ensie!
2024-07-22
Groot woordenboek der Nederlandsche taal

J.H. van Dale (1898)

Doordringend

DOORDRINGEND, bn. (-er, -st), eene doordringende koude, die door alles heendringt, scherp gevoeld wordt, snijdend; — eene doordringende stem, schel klinkend; — een doordringend verstand, scherp, de zaken tot op den grond doorziende. DOORDRINGENDHEID, v. doordringend vermogen; (nat.) de doordringendheid van het kwik.