Wat is de betekenis van contant?

2019
2022-09-29
Willem G. Keeris

Willem G. Keeris (1942) is emeritus hoogleraar Vastgoedmanagement en tevens visiting professor bij de groep Real Estate & Housing van de faculteit Bouwkunde van de Technische Universiteit Delft.

Contant

Contant is het algemeen gehanteerde, niet gespecificeerde begrip, waarmee een betaling met cash geld wordt aangeduid, dan wel – afhankelijk van de context – de liquide beschikbaarheid over een som geld ter grootte van het betreffende bedrag. Zie ook: cashgeld en liquide. Tags:

Lees verder
2019
2022-09-29
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

contant

contant - Bijvoeglijk naamwoord 1. (financieel), (economie) in gereed geld, cash     ♢ Contante betaling is een vereiste. 2. in contanten betalen: in munten en biljetten betalen contant - Bijwoord 1. met gereed geld     ♢ Hij betaalde het niet contant...

Lees verder
2018
2022-09-29
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

contant

contant - bijvoeglijk naamwoord uitspraak: con-tant 1. meteen bij aankoop, via bankbiljetten of munten, óf met de pinpas ♢ je moet hier contant betalen Bijvoeglijk naamwoord: con-tant de/het contante ...

Lees verder
1993
2022-09-29
Vreemd Nederlands

Jan Meulendijks

Contant

(kontant) in gereed geld

1973
2022-09-29
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

Contant

[Fr.], I. bn. en bw., in gereed geld, met klinkende munt (e): geld, geld dat men dadelijk ontvangt; wij verkopen alleen contant, tegen contante betaling, II. zn., o. (mv.), contanten, baar of gereed geld, klinkende munt. Contante betaling houdt in, dat de geleverde goederen of diensten onmiddellijk na prestatie worden betaald. Veelal wordt hierv...

Lees verder
1955
2022-09-29
Vreemd woordenboek

Vreemde woorden woordenboek

Contant

gereed (geld), baar

1952
2022-09-29
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Contant

adj. & adv.;geld, ré jild, jild op ’e fingerseinen; — betalen, helje en bitelje, tagelyk oerjaen, mei it jild op fingerseinen stean.

1950
2022-09-29
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Nederlands woordenboek (7e druk - 1950)

Contant

(Fr.), I. bn. bw., in gereed geld, onmiddellijk bij de levering of binnen een bep. korte tijd (gewoonlijk tot 1 maand) daarna (geschiedend): korting voor contante betaling; contant geld, dat men dadelijk ontvangt; bw.: wij verkopen alleen contant, tegen contante betaling; iets contant betalen; f 30 contant;co...

Lees verder
1949
2022-09-29
De Kleine Winkler Prins

Encyclopedie van A tot Z - 1949

Contant

met betaling direct of op korte termijn (hoogstens 30 dagen) na ontvangst der goederen.

1948
2022-09-29
Kramers woordentolk

Vreemde woorden, uitdrukkingen en afkortingen (1948)

contant

in gereed geld, baar.

1939
2022-09-29
Vreemde woorden in de wiskunde

Dr. E.J. Dijksterhuis - 1939

Contant

(< Lr. comptant, part. praes. van compter = tellen; < Lat. computare = berekenen). De contante waarde van een verplichting beduidt het bedrag, dat men er onmiddellijk voor kan neertellen.

1937
2022-09-29
Koenen woordenboek 1937

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

contant

Fr., v. Lat. computare = berekenen, 1 bn., bw. (in gereed geld); -e betaling, a) onmiddellijk bij ontvangst der goederen; b) binnen zekere termijn dikwijls met een korting, welke bij overschrijden van de termijn vervalt; de -e waarde, de dadelijke waarde, nl. in gereed geld; -e waarde van wissels, nominale waarde verminderd met disconto; -e affaire...

Lees verder
1933
2022-09-29
Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Contant

Contant - een betalingsconditie, waarbij de kooper ofwel bij de levering ofwel korten tijd na de levering moet betalen. Deze korte tijd is in verschillende branches verschillend. Veelal is in de reglementen van handelsvereenigingen nauwkeurig vastgesteld, wat onder contant verstaan moet worden.

Lees verder
1930
2022-09-29
Jozef Verschueren

Modern Woordenboek (1930-1961)

contant

enz. →: kontant enz.

1928
2022-09-29
Wat is dat?

Wat is dat? Encyclopedie voor jongeren (1938).

Contant

Onder contante betaling verstaat men het onmiddellijk, of althans zéér spoedig na zijn ontstaan, vervullen van een betalingsplicht; in tegenstelling met een betaling „op tijd” of „op termijn”, in welk geval die plicht eerst na zeker tijdsverloop wordt vervuld. Betaalt men nu eerder, dan overeengekomen is, dan w...

Lees verder
1916
2022-09-29
Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Contant

Contant - „in gereed geld”. Contante betaling, dadelijke betaling; meermalen wordt daarvoor eene korting op den koopprijs toegestaan; in den detailhandel wordt veelal als zoodanig beschouwd betaling binnen de maand. Contante verkoop of verkoop à contant: verkoop, waarbij contante betaling wordt bedongen, dus in tegenstelling met verkoop op crediet,...

Lees verder
1914
2022-09-29
De vreemde woorden

De vreemde woorden, verklarend woordenboek door Fokko Bos.

contant

contant, - gereed (geld), baar.

1910
2022-09-29
Handelslexicon

Handelslexicon (1910) door J. Hagers

Contant

Contant - dadelijke betaling, koop en verkoop à contant: tegen betaling bij de aflevering. Ook betaling binnen enkele dagen, soms zelfs beteekent contant betaling binnen een maand. Zie: contant termijn.

1908
2022-09-29
Vivat

Schrijver op Ensie

Contant

ital., tegen gereed geld. Contanten: in het algemeen: beschikbaar, los geld. In den geldhandel benaming voor buitenlandsche geldstukken, die niet als gebruikelijk betalingsmiddel gelden, maar als koopwaar behandeld woeden, bv. de mexicaansche piaster, ZuidAmerikaansche dubloenen, en dergel. Vandaar Contantenarbitrage, voor arbitrage (zie aldaar) in...

Lees verder
1898
2022-09-29
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Contant

CONTANT, bn. bw. zie COMPTANT en KONTANT.