2020-04-07

bolvormig

met de vorm van een bol; de vorm van een bol hebbend

2020-04-07

bolvormig

bolvormig - bijvoeglijk naamwoord uitspraak: bol-vor-mig 1. wat de vorm van een bol heeft ♢ in de hoek was een bolvormige spiegel opgehangen Bijvoeglijk naamwoord: bol-vor-mig de/het bolvormige ...

2020-04-07

bolvormig

bolvormig - Bijvoeglijk naamwoord 1. in de vorm van een bol Door afslijting zullen de rollende stenen bolvormiger worden. Woordherkomst afgeleid van bol met het achtervoegsel -vormig

2020-04-07

Bolvormig

BOLVORMIG, bn. en bw. (van lichamen) den bolvorm hebbende; (van vlakken) een gedeelte van een bolvlak vormende; — bolvormige driehoek, boldriehoek; — bolvormige schijf, deel van een bol door twee evenwijdige platte vlakken ingesloten. BOLVORMIGHEID, v.

2020-04-07

bolvormig

bolvormig - bolvor'mig, bn. en bw., (van lichamen) de bolvorm hebbend: een bolvormige spiegel; (van vlakken) een gedeelte van een bolvlak vormend; bolvormige driehoek, boldriehoek.

2020-04-07

bolvormig

bolvormig - In de vorm van een bol, een lichaam waarop alle punten zich in een driedimensionale ruimte op dezelfde afstand (de straal) van een bepaald punt (het middelpunt) bevinden.