Wat is de betekenis van Bevestiging?

2019
2021-01-21
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

bevestiging

bevestiging - Zelfstandignaamwoord 1. het bevestigen, het mededelen aan iemand dat iets is zoals gevraagd is of verondersteld wordt Bij deze bevestigen we de vanmiddag gemaakte afspraken. 2. het bevestigd zijn, het vastzitten aan iets anders Het hek werd aan de...

Lees verder
2018
2021-01-21
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

bevestiging

bevestiging - zelfstandig naamwoord uitspraak: be-ves-ti-ging 1. de manier waarop iets is vastgemaakt ♢ de bevestiging van dit handvat is niet erg stevig 2. het vastleggen van iets ♢ we hebben n...

Lees verder
1992
2021-01-21
Een woordenboek van de filosofie

Begrippen, stromingen, denkers

Bevestiging

Zie confirmatie.

1988
2021-01-21
Klein hotelvademecum

Klein hotelvademecum

Bevestiging

Het bekrachtigen van mondelinge of schriftelijke afspraken.

1973
2021-01-21
Oosthoek Encyclopedie

De Oosthoek is een Nederlandse encyclopedie die in verschillende uitvoeringen is verschenen

bevestiging

bevestiging - v. (-en), het bevestigen, m.n. van een bericht: van dit bericht was geen — te krijgen; plechtigheid waarbij een predikant verbonden wordt aan zijn gemeente . Bevestiging is een term waarmee diverse liturgische handelingen in het protestantisme aangeduid kunnen worden: bevestiging of inzegening van het huwelijk, bevestiging of inzegeni...

Lees verder
1955
2021-01-21
Katholicisme encyclopedie

Onder redactie van Prof. dr. J.C. Groot

BEVESTIGING

noemt men in de protestantse Kerken de bevestiging in het ambt van predikant, ouderling of diaken. Luther heeft al veel werk gemaakt van de bevestiging (ordinatie, ordening) van predikanten; daarin wordt de goedkeuring van de beroeping openbaar en wordt de bevoegdheid om het Woord Gods te prediken en de sacramenten te bedienen medegedeeld. De eerst...

Lees verder
1950
2021-01-21
Dikke Van Dale

Nederlands woordenboek (7e druk)

Bevestiging

v. (-en), het bevestigen, inz. van een bericht, van een predikant of van lidmaten.

1933
2021-01-21
Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Bevestiging

Bevestiging - (Ned. en Belg. Recht). Handelingen, welke alleen nietig zijn, indien een bepaald persoon die nietigheid inroept (o.a. op grond van gemis aan bekwaamheid, van dwaling, bedrog, dwang) kunnen door dezen, mits met de vereischte bekwaamheid, resp. na het ophouden van dwaling, bedrog of dwang, worden bevestigd (ook wel genoemd: bekrachtigd...

Lees verder
1926
2021-01-21
Christelijke encyclopedie

Geschreven onder redactie van theoloog F.W. Grosheide, 1925-1931

Bevestiging

De Dordtsche Kerkenorde eischt, in art. 4 en 5, de bevestiging van beroepen proponenten en predikanten naar het Formulier daarvan zijnde; evenzoo, in art. 22 en en 24, van de ouderlingen en diakenen; terwijl art. 7 der Zendingsorde eenzelfden eisch stelt voor de beroepen missionaire Dienaren des Woords. Deze bevestiging is de openlijke verklaring v...

Lees verder
1916
2021-01-21
Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Bevestiging

Bevestiging, een liturg, kerkel. handeling. Voor de b. van lidmaten zie AANNEMING. De b. van dienaren des goddelijken woords gaat bij het in het ambt treden van een candidaat met Handoplegging* gepaard. Een predikant wordt door den consulent bevestigd, die echter op verzoek deze taak aan een ambtgenoot kan afstaan, doorgaans een vriend of familieli...

Lees verder
1910
2021-01-21
Handelslexicon

Handelslexicon (1910) door J. Hagers

Bevestiging

Bevestiging - schriftelijk antwoord op order, bestelling, offerteafspraak, telefonisch gesprek enz. om den betrokken persoon of firma het schriftelijk bewijs van het overeengekomene in handen te geven.

1898
2021-01-21
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Bevestiging

BEVESTIGING, v. (-en), het bevestigen, inz. van een bericht, van een predikant of van lidmaten.