Wat is de betekenis van aandrang?

2019
2020-11-24
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

aandrang

aandrang - Zelfstandignaamwoord 1. het aandringen Er werd grote aandrang op hem uitgeoefend om zijn werk af te maken. 2. aansporing, morele druk Er was weinig aandrang nodig om hem geld te laten geven voor het goede doel. 3. met klem, nadruk ...

Lees verder
2018
2020-11-24
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

aandrang

aandrang - zelfstandig naamwoord uitspraak: aan-drang 1. kracht waarmee je iets zegt ♢ met enige aandrang vroeg hij deze zaak te bespreken Zelfstandig naamwoord: aan-drang de aandrang Synoniemen nadruk...

Lees verder
2010
2020-11-24
Dokterswoordenboek

Ruim 2300 medische begrippen, omschreven door Jannes van Everdingen en Arnoud van den Eerenbeemt

aandrang

Het gevoel dat je snel naar de wc moet om te poepen. Wanneer er poep in je endeldarm (vlak voor de uitgang) zit, krijgt je aandrang om naar de wc te gaan. De sluitspier rondom het poepgaatje (de anus) is normaal aangespannen om het gaatje af te sluiten. Zodra je op de wc zit, ontspant die sluitspier zich en gaat de anus open. Darmspieren aan het ei...

Lees verder
1936
2020-11-24
Koenen woordenboek

Koenen woordenboek 1936

aandrang

m. (1 het aandringen; 2 opeenhoping; 3 aansporing; 4 nadruk bij het doen van een verzoek, klem, inz. met met): 1 een grote — van mensen, van volk; 2 de van het bloed naar de hersenen; 3 op — van mijn vader; 4 ik vraag het u met -.

Lees verder
1898
2020-11-24
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

aandrang

Aandrang - m. het aandringen: de aandrang der vijanden, der menigte; - aandrang van volk, groote opeenhooping; - aandrang der zee, werking der golven op den romp van een schip, (ook) het toe nemen in hoogte der golven; - aandrang op het roer, de werking der zeilen, om het schip te doen loeven of vallen, en die men...

Lees verder