Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

Gepubliceerd op 01-11-2017

2017-11-01

tiend

betekenis & definitie

tiend - Zelfstandignaamwoord
1. (religie) (joods) Bijbelse verplichting een tiende van de opbrengsten van het land aan de priesters af te staan
Ook alle tienden des lands, van het zaad des lands, van de vrucht van het geboomte, zijn des HEEREN; zij zijn den HEERE heilig.
2. (religie) (christelijk) kerkbelasting, gebaseerd op de Bijbelse verpllichting
3. (economie), (geschiedenis) belasting ter grootte van een evenredig deel van de opbrengsten, gegroeid uit de eerdere kerkbelasting

Woordherkomst
van tiende met apocope van de -e

Synoniemen
tiende