misdrijf - Zelfstandignaamwoord
1. een misdaad of delict
♢ Het misdrijf werd door de rechter zwaar bestraft.
misdrijf - Werkwoord
1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van misdrijven
♢ Ik misdrijf
2. gebiedende wijs van misdrijven
♢ misdrijf!
3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van misdrijven
♢ misdrijf je?
Woordherkomst
samenstelling van mis(bijvoeglijk naamwoord) en drijf(werkwoord)
Studenten en medewerkers van onderwijsinstellingen hebben gratis toegang.
Ensie voor jouw (onderwijs)instelling? Bekijk de mogelijkheden.