Aardbeving betekenis & definitie

Een aardbeving is een schokkende of trillende beweging van de aardkorst. Een aardbeving ontstaat op het moment dat er zoveel spanning op de aardkorst staat dat deze verschuift.

De wetenschap die zich bezighoudt met aardbevingen is seismologie. Een seismoloog onderzoekt alles wat met aardbevingen te maken heeft, van het ontstaan tot de beving en de uitwerking daarvan. Aardbevingen vinden voornamelijk plaats op plekken waar tektonische platen elkaar raken zoals in Indonesiƫ, het Middellandse Zeegebied en in en rondom de Grote Oceaan.
Het denkbeeldig punt waar de aardbeving ontstaat is het hypocentrum. Het punt aan het aardoppervlak loodrecht boven het hypocentrum heet het epicentrum. De hevigheid van een aardbeving wordt gemeten op de schaal van Richter. Deze schaal geeft aan hoeveel energie er is vrijgekomen bij een aardbeving. Vanaf een magnitude van 3 is een aardbeving voelbaar. Bij 5 spreekt men van een sterke aardbeving en bij een beving hoger dan 7 op de schaal van Richter gaat het om een zwaar tot zeer zware aardbeving die zorgt voor enorme schade.

Laatst bijgewerkt 30-03-2015