omnipotentie betekenis & definitie

Almacht, almachtsfantasie of grootheidswaan.

1. Almachtgevoelens worden ontwikkeld om de controle te behouden over externe objecten, echter zonder wezenlijk betrokkenheid op hen.
2. Primitief afweermechanisme. Een typerend afweermechanisme voorkomend bij de wat beter functionerende, ambulante borderline patiƫnt (J.L. Cooper, 1988).
3. Volgens Melanie Klein (1935) zijn almachtsfantasieƫn een vorm van manische afweer naast 'loochenen' en 'idealiseren'.