Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

Gepubliceerd op 14-11-2017

gerecht

betekenis & definitie

gerecht - zelfstandig naamwoord
uitspraak: ge-recht

1. gebouw waarin recht gesproken wordt
hij moest voor het gerecht verschijnen
2. onderdeel van de maaltijd dat in één schaal wordt opgediend
♢ zij maakte een heerlijk groentegerecht bij de biefstuk

Zelfstandig naamwoord: ge-recht
het gerecht
de gerechten
het gerechtje

Synoniemen
rechtbank, schotel