Gemalen in Rotterdam betekenis & definitie

Gemalen. Op basis van het Waterproject van W.N. Rose (1842) groef men in 1854-'58 ter vermindering van wateroverlast en vervuiling enkele weteringen en bouwde men aan de Maaszijde twee stoomgemalen. Het westelijke stoomgemaal (Westersingel 314) uit 1859 werd in 1890-'91 vervangen door het huidige gemaal in neorenaissancestijl naar ontwerp van G.J. de Jongh (in 1923 verbouwd tot een elektrisch gemaal). Aan de oostzijde van het centrum ontwierp De Jongh in chaletstijl een pompgebouw annex vuilvishuisje (Boezemsingel 57; 1890-'91), waar het in het riool opgehoopte vuil kon worden verwijderd. Acht poldermolens aan de in 1772-'76 voor een betere waterafvoer van de Rotte op de Nieuwe Maas gegraven Hoge Boezem werden in 1898 vervangen door het in neorenaissance-stijl uitgevoerde stoomgemaal Schieland (Admiraliteitskade 94; A. Nolen), dat tot 1977 in gebruik bleef. Eveneens in neorenaissance-stijl uitgevoerd is het voorm. stoomgemaal Pretorialaan 141-147 (circa 1896, G.J. de Jongh), dat op Zuid voor de ontwatering zorgde. Voorbeelden van jongere pompgebouwen zijn die aan het Noordplein 93 (circa 1925), de Statensingel (circa 1935) en de Zuiderparkweg 14 (circa 1950).

Gepubliceerd op 09-10-2017