Wenzel Anton Kaunitz betekenis & definitie

Graaf van, Oostenrijksch staatsman. * 2 Febr. 1711 te Weenen, † 27 Juni 1794 aldaar. Uit een oud Boheemsch adelsgeslacht, verwierf zich door zijn studiën en door reizen een breede ontwikkeling. Als vertegenwoordiger van Oostenrijk bij de vredesonderhandelingen te Aken (1747-’48) toonde hij zijn buitengewone bekwaamheden.

Werkte sedertdien aan de toenadering tot Frankrijk, om Silezië voor Oostenrijk terug te winnen. Vanaf 1753 was hij staatskanselier te Weenen. In 1755 bracht hij de groote coalitie tegen Pruisen tot stand, kon echter in den afloop van den Zevenjarigen oorlog zijn doel niet bereiken.

Hij behield evenwel het volle vertrouwen van Maria Theresia tot aan haar dood; overtuigde haar van de noodzakelijkheid der eerste Poolsche deeling, waarbij Oostenrijk Galicië verwierf (1772). In het binnenlandsch bestuur bevorderde hij nijverheid, kunst en wetenschap, zelf was hij een man van geest en fijnen smaak, doch een verstokt aanhanger der Aufklärung, welke hem tot vijand maakte van een rechtzinnig Katholicisme en tot wegbereider der bekrompen maatregelen van Joseph II. Onder Joseph II en Leopold II verzwakte zijn invloed; in het begin der regeering van Frans II nam hij zijn ontslag en werd vervangen door graaf Cobenzl.

Zijn omvangrijke briefwisseling werd uitgegeven door verschillende historici. Lit.: v. Arneth, Biographie des Fürsten Kaunitz (1899); Küntzel, Fürst Kaunitz-Rittberg als Staatsman (1923); Pastor, Gesch. der Papste (XVI 1933).v. Gorkom.